Lezersauto: Aston Martin DB7 i6 Coupé

Bond. James Bond! Dankzij dit personage had Aston Martin in de swinging sixties weer een hit te pakken. De DB5 kwam ten tonele in “Goldfinger” en werd een instant klassieker. Sindsdien waant iedereen zich even superspion achter het stuur van een Aston Martin. Zo’n 30 jaar later heeft de DB7 opnieuw een wederopstand van het merk veroorzaakt, wat hem extra interessant maakt. Eind jaren ’80 werd Aston Martin, net als Jaguar, door het grote Ford opgekocht. Het briljante ontwerp van Ian Callum was oorspronkelijk dat van een nieuwe Jaguar, maar werd niet opgepikt. Bij Aston Martin was er wel interesse en ze zagen de kans schoon om de DB-reeks verder uit te breiden. En hoe. De DB7 is een auto die bestuurder en passagier meteen naar een hogere status verheft. En deze misschien zelfs nog meer dan de modellen die nu de toonzaal staan. Wat mij betreft is dit de laatste Aston Martin die het Britse je ne sais quoi uitstraalt – en noem het gerust toeval, maar z’n chassis is een evolutie van dat van een Jaguar XJS… uit 1975.
Eigenaar Stefaan deelt mijn mening wat het ‘Britse gevoel’ betreft – hij bestempelt zichzelf dan ook als een echte gentleman driver. Dit prachtexemplaar kocht hij rond de eeuwwisseling en intussen heeft ie ongeveer 80.000km op de teller staan. Jaarlijks komen er daar zo’n 2.000 bij, dus de kans dat je hem in het verkeer ziet opduiken is eerder klein te noemen. Wat het ook zij, een Aston Martin is nu eenmaal het koesteren waard.

Hij is geboren in 1996 – nummer 739 van 829 uit de eerste reeks – en stelt het dus met een 6-in-lijn in plaats van de dikkere V12. Die was pas vanaf 1999 leverbaar, en bestond min of meer uit twee achter elkaar geplaatste V6-motoren van Ford/Taurus-origine. Maar niet getreurd, de Jaguar AJ6 3.2 liter turbomotor levert toch nog een totaal vermogen van 335pk aan bijna 6.000tpm, waarmee hij nog steeds meer dan behoorlijk voor de dag komt. Vooral de trekkracht is merkbaar: het maximumkoppel van 488Nm is er al aan 3.000 toeren, wat een spurtje naar 100 in een knappe 6 seconden mogelijk maakt. Zeker niet slecht voor een kolos van bijna 1,7 ton.
Aan diegenen die het nog niet wisten: een DB7 dient in de eerste plaats om te flaneren – en niet om alles open te gooien aan het eerste het beste licht dat op groen springt. Wat je trouwens ook binnenin merkt; het is meer salon dan cockpit, van het dashboard tot de hemelbekleding toe. Het hoogpolige tapijt sluit mooi aan bij het Chiltern Green waarin de auto is gespoten, en opvallend is de totale afwezigheid van airbags. Niet dat elke wagen er in ’96 mee rondreed, maar de DB7 is zo klassevol dat je je aan allerhande technologische snufjes verwacht. Op het ontbreken van die luchtzakken na, blijft het wel grote luxe natuurlijk. Met als grootste troef de automatische versnellingsbak, waardoor Stefaan zelfs in de file met een glimlach achter het stuur zit. Houden zo!
Technisch: 3.2 liter DOHC 6-in-lijn, turbo – 24 kleppen – achterwielaandrijving – 2+2 zitter – motor voorin – 335pk@5500tpm – 488Nm@3000tpm – 0-100km/u: 6 sec – top: 253km/u – gewicht: 1650kg – bandenmaat voor- en achteraan: 245/40 ZR 18






0 Comments
You can be the first one to leave a comment.