Het ijzer smeden als het heet is, of zoiets. Dat moeten de marketingboys & -girls van Toyota toch denken, nu ze weer sinds lang een spannende wagen mogen proberen te verpatsen. De GT 86 wordt pas tegen de zomer van 2012 bij ons verkocht, en dus gaan we tot dan wel meer van dergelijke filmpjes kunnen aanschouwen tot het zover is. Ons niet gelaten. Als er één ding is dat we uit onderstaand filmpje kunnen leren, is het wel dat de nieuwe sportwagen alvast zijn hand niet omdraait voor het betere driftwerk. Dat lijkt toch de boodschap te zijn. O ja, de klassieker die de GT 86 flankeert in onderstaande beelden, is trouwens de Sports 800, één van Toyota’s eerste sportwagens voor het grote publiek. Het niet onaardige karretje werd in 1965 op de markt gebracht en deed zijn ding met een 45pk sterke tweecilinder van 800cc. Of hoe tijden veranderen.
De geschiedenis over het logo van een bedrijf toont niet enkel de veranderingen van dat bedrijf, maar vooral de verandering in de tijd. Het belangrijkste element in Fiats geschiedenis is de verandering in kleur.
Fiats eerste logo verwijst nog steeds naar de tijd waarin het bedrijf het allereerste rijtuig zonder paarden introduceerde. In 1899 ziet het logo eruit als een lederen lapje met daarop de details over het bedrijf. Het bruine lederachtige embleem is een weerspiegeling van de tijd.
Amper twee jaar later verscheen het eerste echte logo. Fiat besliste in 1901 om een passend beeldmerk te gebruiken op haar auto’s. Het was een klein blauw emaillen koperen plaatje met in het midden de naam Fiat.
Het cirkelvormige logo maakte zijn intrede in de periode 1921 – 1925. Dit embleem bestond uit een witte achtergrond met daarop de naam Fiat in het rood. De gestileerde laurierkrans rondom het logo was bedoeld om Fiats zegevierende deelname aan de eerste autoraces te vieren.
De volgende transformatie van het kenteken vond plaats in 1931 en 1932. Toen kreeg het een rechthoekige vorm gelijkend op het schild van de radiatorgrillen op de nieuwe modellen.
Het logo van 1968 vertoont vier blauwe ruiten. De bedoeling hiervan was het hoofdelement van de gehele Fiatgroep identificeren.
Bij haar honderdste verjaardag in 1999 zien we een terugkeer naar de stijl van het logo uit 1921. Het verschil was dat het embleem uit 1999 een blauwe achtergrond had en gechromeerd was. Wat nog steeds hetzelfde gebleven was en is, is de karakteristieke ‘A’ alsook de rand met de laurierkrans.
Na acht Car-of-the-Year-awards, werd het logo opnieuw aangepast. In dit beeldmerk herkennen we weer het typische radiatorschild van Fiats auto’s tot en met de jaren ’60 en het bevat ook de driedimensionale kenmerken die wijzen op moderne technologie, Italiaans design, dynamisme en individualisme.
De legende over Chevrolets medeoprichter Billy Durant klinkt je misschien wel bekend in de oren. Hij zou met het populaire strikjeslogo op de proppen gekomen zijn nadat hij het patroon zag op een behang in een Parijs hotel. Welnu, deze legende is fout. Wij serveren jou het echte verhaal.
Jarenlang geloofde iedereen het strikjesverhaal. Catherine, de weduwe van Billy Durant, beweert echter dat hij zijn inspiratie niet haalde van het behang in een Parijs hotel. Volgens haar zag haar man het strikjesembleem voor het eerst in een geïllustreerde krant in Virginia toen ze in 1912 op vakantie waren in Hot Springs.
Dit verhaal klopte, tot Chevrolethistoricus Ken Kaufmann de waarheid onthulde. Toen Kaufmann oude publicaties las van Atlanta, merkte hij een advertentie op voor Coalettes houtskool. De advertentie dateert van 12 november 1911, negen dagen nadat Durant de Chevrolet Motor Company verenigde. We kunnen zelfs enkele gelijkenissen vinden tussen Chevrolets logo en dat van Coalettes: beide logo’s startten met een ‘C’, hadden negen letters en een suffix ‘let’. Beide namen waren ook zeer moeilijk uit te spreken in het Frans. De twee beeldmerken hadden een donkere achtergrond met witte randen en witte letters. Het grootste verschil was het lettertype.
In feite kunnen we dus stellen dat Chevrolet haar logo grotendeels te danken heeft aan de ontwerper van het Coalettes-logo.
De in 1988 gelanceerde Volkswagen Corrado zou oorspronkelijk als Tyfoon door het leven gaan – als opvolger voor de Scirocco II – maar die benaming deed te veel denken aan vernieling en ander ondeuglijk rijgedrag. Corrado is een Spaanse afgeleide van het woord ‘lopen’ en echt hip klinkt het niet. Toch is er een versie die elke autoliefhebber kan bekoren: de VR6.
Deze duivel-doet-al wordt aan de voorwielen bediend door een innovatieve zescilindermotor, die het midden houdt tussen een V- en lijnopstelling (beide cilinderrijen vormen een hoek van slechts 15°, waardoor één cilinderkop volstaat). Met als gevolg dat de krachtbron de souplesse van een V6 behoudt maar niet groter uitvalt dan de gemiddelde viercilinder. Met een totale longinhoud van 2861cc – nog eens 69cc meer dan de Golf VR6 – genereert hij een vermogen van 190pk en 245Nm. Het sprintje naar 100km/u duurt net geen 7 seconden en de top ligt op 235km/U. Het onderstel is een mix van het bekende A2- en B3-platform en net zoals de Golf neigt deze coupé naar onderstuur, met een comfortabel doch sportief karakter. Karmann hield zich bezig met de buitenkant, en ondanks de ingetogen uitstraling kwam de Corrado toch modern en gelikt voor de dag. De koetswerkonderdelen waren echter niet goedkoop en de forse aankoopprijs van omgerekend € 29.748 deed potentiële klanten twijfelen. Het model stierf een stille dood in 1995; vandaag de dag wordt de Corrado VR6 gezien als een must-have voor elke echte VW-fanaat.
Iedereen heeft steeds de mond vol van de BMW M5, maar wat Opel meer dan twee decennia geleden boven de doopvond hield verbaasde vriend en vijand. De snelste Omega ooit werd uitgebracht onder een Lotus-badge, en daar was een goede reden voor. Het geroemde bedrijf werd in 1986 door de Duitsers opgekocht en kreeg van de nieuwe bazen de opdracht om 1100 super-Omega’s te maken. De productie ging in het Engelse Hethel van start onder codenaam ‘Lotus type 104’.
De Britten zorgden onder meer voor een aangepaste ophanging, grotere remmen, een manuele zesbak uit de Corvette ZR-1 en een herwerkte GM-krachtbron. Het Opel-embleem werden bijgestaan door het bekende groen-gele logo en de achterwielaangedreven ‘family sedan’ was in zijn nieuwe vorm slechts beschikbaar in één enkele lakkleur: Imperial Green (héél donker groen). De oorspronkelijke 3.0-liter – die uit de GSI-stal werd gevist – werd opgeboord tot ruim 3.6-liter, en daarbovenop nog eens verwend met twee Garrett T25 turbochargers en een knoert van een intercooler. Het resulteerde in een indrukwekkende 377pk en 568Nm, cijfers die de bijna zwarte mastodont deden toppen aan 283 km/u. Men claimde dat het blok zelfs tot 310 km/u kon gaan, maar een begrenzer hield de naald mooi beneden de magische 300-grens. Hij was in ieder geval snel. Heel snel! Een sprintje naar 100 km/u nam net geen 5,4 seconden in beslag, wat hem meteen inlijfde in de club der supercars. De acceleratie was zo hevig en intens (0-160 km/u in 11,5 sec!) dat het model in het Britse parlement vragen deed rijzen over de legaliteit ervan. Hij ging dan ook door het leven als de snelste berline ter wereld en raakte zelfs in trek binnen de popcultuur.
Vanwege de recessie en het buitensporige prijskaartje van omgerekend € 76.250, werden er slechts 950 exemplaren aan de man gebracht. Daarvan gingen er 320 als Carlton door het leven, met het stuur aan de rechterkant. BMW kon pas vanaf 1998 deftig weerwerk bieden met de M5 E39, die voortaan zo’n 400pk zou leveren. Voor de liefhebbers: Kijk goed rond voor je een Lotus Omega koopt, er zijn veel ‘neppers’ in omloop (meestal in de vorm van een Omega 3000).
Welkom in onze interactieve hoek. Hier verslagen we over de auto die ú in de garage heeft staan. En de spits wordt afgebeten door een icoontje met sterallures: de Mazda MX-5 GTR.
Er is al zoveel over de MX-5 geschreven dat het stilaan welletjes wordt. Het roadstertje van Japanse makelij wordt nog steeds aanzien als het beste waar voor je geld als het op rijplezier aankomt. Door de jaren heen zijn er dan ook talloze ‘special editions’ op ons los gelaten, de ene al wat leuker dan de andere. Toch wordt de tweede generatie veelal dood gezwegen. Met het afvoeren van de klaplichten verdween ook het ietwat ruwe karakter, en nog steeds kreeg hij – ondanks de gespierde vormgeving – het ‘vrouwvriendelijke’ etiket niet van zich afgeschud.
Neen, deze Mazda uit ‘99 beschikt niet over een dubbele turbo of een oorverdovende zescilinder. Sterker nog, de atmosferische 1.8-liter viercilinder levert nog steeds 140pk. Maar daar gaat het niet om; echte autoliefhebbers weten immers dat het bij deze wagen niet om de snelheid te doen is, dan wel om de beleving. De GTR onderscheidt zich van de kudde door twee belangrijke zaken: de ophanging en de wielen. De harde afstelling, in combinatie met de brede 17-duims sloffen, geven het beestje de ‘cool’ die de normale editie mist. En de jonge eigenaar weet waarover hij spreekt; Kenny is inmiddels al aan z’n tweede MX-5 toe. Z’n vorige aanwinst was er ook eentje van dezelfde generatie, maar dan met de meer voorkomende 1.6-liter. En hoewel de prestaties van de 1.8 niet wonderbaarlijk zijn, is het verschil meteen merkbaar. De GTR gaat stabieler door de bochten en is dus ook beter geschikt voor het hardere werk. Van overhangen is amper sprake en de vierpitter bromt heerlijk ouderwets. Op geen enkel moment heb je het gevoel dat je in een Mazda zit.
Bij de lancering pronkte de speciale reeks met opzichtige striping van voor naar achter, en als je niet beter wist leek ie van ver op een Dodge Viper in babyformaat. De vorige bezitter had de witte strepen na aankoop verwijderd, maar die actie doet geen afbreuk aan het ontwerp. Van deze versie werden er amper 500 stuks gemaakt, wat hem even zeldzaam maakt als een Ford Focus RS500. Die laatste is weliswaar sneller, maar alleszins niet mooier. Neen, wij houden wel van deze Mazda, ook al is de type-aanduiding een tikkeltje overdreven.
Zou je graag jouw speciale auto op onze site zien staan, of ken je iemand met een bijzondere wagen? Neem dan contact met ons op via deze link:http://www.auto55.be/feedback
De betekenis die schuilt achter het logo van VW is heel eenvoudig: de V staat voor ‘Volks’ en de W voor ‘Wagen’. De vertaling hiervan verwijst naar het oorspronkelijke doel van het merk: wagen voor het volk.
Volkswagen werd opgericht in 1939 door Adolf Hitler. Hitler wou immers elk Duits gezin van een auto voorzien. Doorheen de lange geschiedenis van VW zijn de fundamenten van het embleem ongewijzigd gebleven. Wel moeten we opmerken dat VW een kortstondige voorloper had, namelijk KdF, wat staat voor ‘Kraft durch Freude’ (Kracht door Vreugde). In dat logo herkennen we duidelijk het hakenkruis dat verwijst naar het naziregime.
Hoewel de 85-jarige Oostenrijker Nikolai Borg het gechromeerde logo opeiste, werd het doorgaans toegewezen aan Franz Xaver Reimspiess. Borg vroeg hier echter geen geld voor, integendeel, hij wou gewoon erkenning voor het werk dat hij in 1939 op vraag van Fritz Todt (toenmalige minister van arbeid van het Derde Rijk) zou hebben geleverd. Eind jaren 80 was dit embleem enorm gegeerd bij de aanhangers van de New Beat.
Van 10 tot en met 22 januari 2012 organiseert FEBIAC het 90ste autosalon in Brussels Expo.
Dit autosalon noemen we ook een “groot salon”, wat wil zeggen dat alle mobiele categorieën vertegenwoordigd zullen zijn.
Het grote publiek is welkom van 12 t.e.m. 22 januari tussen 10u ’s morgens en 19u ’s avonds. Voor zij die zich alleen laat op de dag kunnen vrijmaken zijn er, zoals elk jaar, drie Nocturnes gepland op 13, 16 en 20 januari. Tijdens de Nocturnes blijven de paleizen open tot 22u ’s avonds. Er wordt ook een “Nacht van de moto” georganiseerd op 14 januari.
Tijdens dit event zijn ENKEL de motorpaleizen open van 20u tot 22u.
Voor meer details over de te verwachten premières, buitenactiviteiten of themadagen verwijs ik jullie graag naar deze website die geregeld zal geüpdated worden naarmate het salon meer vaste vorm krijgt.
Rest mij nog te zeggen dat tickets voor al dit moois te verkrijgen zijn aan € 12,5 per volwassene en € 6,5 voor kinderen tussen 6 en 12 jaar oud. Kids jonger dan 6 kunnen gratis mee aanschuiven.
De winter is nog niet begonnen, maar de zomercollectie’s worden al buitengehaald. Porsche liet ons al de nieuwe 911 Cabriolet zien, op Mercedes’ antwoord moeten we nog wachten tot op het autosalon van Detroit in januari. Maar bij Mercedes zelf hebben ze blijkbaar geen geduld tot dan, want ze brachten zopas zélf al een spyshot uit van de nieuwe SL, die zal voorzien worden van een volledig uit aluminium opgetrokken koetswerk, bij wat testwerk in de woestijn. Kijk en geniet!